Page 3 of 29

Nederland lanceert eigen CoARA National Chapter

Met een zogeheten ‘National Chapter’ zet Nederland een volgende stap in de bloeiende internationale samenwerking. Het moet leiden tot verdere kennisuitwisseling en een betere aansluiting van CoARA op Nederlandse ontwikkelingen zoals Erkennen & Waarderen en het Strategy Evaluation Protocol (SEP). In 2022 sloten Nederlandse kennisinstellingen en wetenschapsfinanciers zich aan bij de Coalition on Advancing Research Assessment, oftewel CoARA. Het doel: onderzoek op een meer verantwoorde manier beoordelen.

Een National Chapter is een lokale tak van CoARA. Het helpt leden om de tien CoARA-afspraken voor betere onderzoeksbeoordeling in hun land of regio te implementeren. Zoals het erkennen van de diverse contributies van academici, of het gebruik van kwalitatieve beoordelingscriteria.

Het nieuwe National Chapter zet zich in voor de Nederlandse CoARA-leden. Tijdens bijeenkomsten delen leden nieuws over hun vooruitgang, maar is er ook ruimte om kennis en ervaring uit te wisselen. Tegelijkertijd versterkt het chapter onze stem binnen CoARA, en delen we Nederlandse ervaringen met een internationaal publiek tijdens CoARA-evenementen. Alle Nederlandse universiteiten, umc’s, NWO, ZonMW, KNAW, Saxion Hogeschool en de Hogeschool van Amsterdam zijn lid van het chapter.

Een groeiend netwerk

De afgelopen drie jaar is CoARA uitgegroeid van een kleine club enthousiastelingen tot een internationale hervormingsbeweging. Meer dan 700 organisaties wereldwijd hebben zich aangesloten bij de coalitie, van Andorra tot Zimbabwe.  Ook zijn er inmiddels 18 National Chapters: onder andere Noorwegen, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk gingen Nederland voor in de oprichting van een eigen chapter.

Erkennen & Waarderen

De doelen van CoARA sluiten naadloos aan op het nationale programma Erkennen & Waarderen. Met die reden zullen prof. dr. Hilde Verbeek (Universiteit Maastricht) en prof. dr. Arfan Ikram (Erasmus MC/ZonMw) het chapter voorzitten. Zij zijn eveneens lid van de Regiegroep Erkennen & Waarderen en zullen toezien op de nauwe samenwerking tussen beide initiatieven.

“De eersten op het ijs hebben het meeste lef” | Afscheidsinterview Kim Huijpen

Ze is hét boegbeeld van Erkennen & Waarderen in Nederland en ver daarbuiten. Ze zette het programma op en denkt dat dit misschien wel de leukste baan van haar leven is. Om haar loopbaan verder te ontwikkelen zet ze een stap naar Universiteit Leiden. Ze gaat vol positieve verwachting aan de slag als Hoofd Onderzoeksbeleid. Een afscheidsinterview met Kim Huijpen.

In het begin vond Kim Huijpen het wel eens lastig dat de doelstellingen van het programma dat ze zelf heeft geïnitieerd, door anderen anders werden geïnterpreteerd. Elk woord uit de position paper had ze gewikt en gewogen. Zij wist toch precies waar Erkennen & Waarderen wel en juist niet over ging?
“Dat heb ik al gauw losgelaten. Het is prachtig dat mensen zich het onderwerp toe-eigenen, ik omarm het. De kans op verandering groeit ervan.”

Met z’n allen doen

Het was 2019, Huijpen, een paar maanden terug van zwangerschapsverlof, nam een concept van de position paper ‘Ruimte voor ieders talent’ door met de toenmalige UNL-voorzitter Pieter Duisenberg. Het stuk dat toen voorlag was wollig en alleen van toepassing op de universiteiten.
“Hij zei: dit moet concreter. We moeten het met z’n allen doen.”
De inzet werd de wetenschap als geheel. Ze formuleerden in heel korte tijd samen met de KNAW, de UMC’s, NWO en ZonMw een ‘eerste versie’ position paper namens alle publieke kennisinstellingen en onderzoeksfinanciers. Met hulp van twee veranderkundig adviseurs tuigde Huijpen vervolgens een programmastructuur op. “Best een opgave!”

Erkennen & Waarderen was met de vijf thema’s ‘Loopbaanpaden, Leiderschap, Team Science, Open Science en Beoordelen van Kwaliteit’ een feit.

De uiteindelijke position paper ‘Ruimte voor ieders talent’ zag het levenslicht nadat een aantal rectoren zelf meeschreven. “Zo ontstond collectief eigenaarschap. Een vormend moment voor mij.”
Er kwam een samenwerkingsverband met op elke instelling een commissie, waar mogelijk met themabijeenkomsten verspreid over het land, dialoogsessies – “gebruik nooit het woord discussie, altijd dialoog”- en online overleg. Er was in het tweede jaar een fase dat een groep wetenschappers zich in een open brief op ScienceGuide uitspraken en hun zorgen uitten over het programma. Ook voorstanders wisten de podia van verschillende media vruchtbaar te vinden. Verder dan een briefwisseling ging dit dispuut niet, het verlangen naar verandering zat dieper.
“De zin ‘geuite zorgen zijn geen weerstand, maar informatie waar je van kunt leren’, was voor mij leidend in die tijd.” De pandemie versnelde bovendien het samenwerken en maakte internationale uitwisseling bereikbaarder. Nu, na vijf jaar, durft Huijpen het programma met een gerust hart over te dragen aan een opvolger. “We draaien de beweging niet meer terug.”

Nulresultaten verdienen óók een publicatie

Dat Huijpen Erkennen & Waarderen (E&W) wilde aanjagen is geen toeval. Ze verdiepte zich in de jaren vóór E&W in wetenschappelijke integriteit en kwaliteitszorg voor onderzoek. Onderwerpen die binnen E&W ook aan de orde komen en waar haar eigen drijfveren nauw mee verweven zijn. Ze verzet zich tegen de driver om veel te publiceren. “Tijdens mijn studie psychologie zag ik al dat die was scheefgegroeid.”

Ze licht op verzoek toe waarom de wijze waarop onderzoeksresultaten tot ontwikkelingen in het vakgebied leiden niet klopt. “In de psychologie toets je resultaten via een controle- en experimentele groep. Als daar een significant statistisch verschil is, kun je je onderzoek gepubliceerd krijgen. Zo niet dan is dat heel moeilijk. Als psychologiestudent leer je vrij snel dat de wereld zo werkt. Echter: onderzoek waar je geen verschil vindt, is in wezen net zo relevant. Het is zonde dat wetenschappers wereldwijd vijftien keer aan hetzelfde experiment werken, geen verschil vinden en dat niet van elkaar weten omdat er geen publicatie uit volgt. Wat mij betreft verdienen nulresultaten ook een publicatie. Zo help je andere wetenschappers verder.”

Ze raakt op dreef. Ook ‘reproduceerbaarheid’ vindt ze een thema dat niet goed is geborgd. “Om er zeker van te zijn dat een wetenschappelijke uitkomst geen toeval is, moeten we veel meer onderzoek proberen te repliceren. Alleen: krijg daar maar eens financiering voor. Laat staan een publicatie.” En: “Publicaties tellen is funest voor vrouwen die zwanger worden; zij hebben veel minder tijd om tot dezelfde resultaten te komen als degenen zonder kind in hun buik.”

Onderwijs prominenter zichtbaar maken

Het is duidelijk: wat Huijpen betreft moeten we zo snel mogelijk af van indicatoren als het aantal publicaties, de H-index en de Journal Impact Factor. Dat biedt bovendien meer ruimte voor het prominenter zichtbaar maken van die andere kerntaak van de universiteit: wetenschappelijk onderwijs.

“De waardering voor onderwijs is voor mij een grote drive. Tijdens mijn studie kwam ik er vrij snel achter dat wetenschappers die supergoed onderwijs geven, weinig carrièremogelijkheden en waardering krijgen. Het kan nooit zo zijn dat de focus alleen op onderzoek ligt bij een universiteit.”

Na zes jaar Erkennen & Waarderen vraagt ze zich wel eens af of haar eigen perspectief is verwaterd. “We hebben nog geen duidelijk antwoord hoe je bepaalt wat kwaliteit van onderzoek dan wél is.” Meteen heeft ze ook de nuance van die gedachte voor handen: “Dat is deels bewust geweest, we wilden niet van het ene naar het andere vinklijstje werken. Als je in een te vroeg stadium concrete criteria ontwerpt zonder heldere visie, is het gevaar dat de spelregels wel veranderen, maar het spel niet.” Bovendien lag de eerste prioriteit bij wat ze noemt “de kern van het programma”, namelijk het formuleren van diverse loopbaanpaden. De wens was om daar een uitgebreide HR-gemeenschap aan te verbinden. “Niet elke HR-adviseur komt in beweging als je aan komt zetten met het vocabulaire rondom wetenschappelijke kwaliteit.”

Dankzij die focus verhouden inmiddels bijna alle instellingen zich tot diversiteit in het wetenschappelijke loopbaanpad. Maakt dat haar content? Deels. “Ik zie enorm mooie ontwikkelingen, de profielen beginnen een plek te krijgen in het vocabulaire van mensen.” Echter: “Sommige universiteiten hebben bewust gekozen om geen profielen te ontwikkelen maar maatwerk, omdat loopbaanpaden te weinig flexibel zouden zijn voor specifiek talent. Ik kan dat volgen, ik ben wel bang dat die aanpak minder houvast geeft voor wetenschappers om een gesprek met je leidinggevende te voeren over de richting die je voor je ziet. Het spannende voor mij is, dat ik bij een universiteit ga werken die voor maatwerk kiest. Ik ben natuurlijk heel benieuwd of ik er over een jaar heel anders over denk.”

Naast de afweging rond maatwerk in plaats van profielen, weet ze dat de praktijk nog moet wennen aan de ‘ruimte’ voor ‘ieders’ talent. Niet elk profiel heeft op elke universiteit bijvoorbeeld evenveel status. De vraag is hoe je daarop kunt anticiperen in een kwetsbare positie. Wat kan iemand volgens Huijpen doen om de gelijkwaardigheid van de profielen in balans te brengen? “Ik denk dat dit heel belangrijk is. In het visiedocument van de European Universities Association ‘Universities without walls – A vision for 2030’ staat daar veel zinnigs over. Dat gaat over parity of esteem tussen onderwijs en onderzoek. Die is nodig, cruciaal en nog niet voldoende aanwezig. Ik denk dat eerlijke keuzes maken voor leidinggevenden heel ingewikkeld is in een wereld waar onderzoek meer status heeft dan onderwijs en impact. Lang niet iedereen kan zich veroorloven om tegen de stroom in te zwemmen. Om deze verandering door te maken hebben we mensen nodig die met volle overtuiging kunnen kiezen voor wat bij ze past, wetend dat het kwetsbaar is. Pas een klein deel van de wereld is veranderd. We hebben óók nog van de voorhoede nodig dat ze zich er publiekelijk op voorstaan, zodat anderen kunnen zien welke mogelijkheden er zijn. Dan gaat hopelijk de parity of esteem veranderen. Degene die als eerste op het ijs gaat staan heeft het meeste lef. Op een gegeven moment heeft dat ijs voldoende draagkracht voor de massa.”

Mensen willen af van de hypercompetitie

Mogelijk verstevigt de bodem sneller dankzij een ander speerpunt van Erkennen & Waarderen: het wetenschappelijke team. Je ontdekt als (leidinggevend) wetenschapper vanzelf dat mogelijkheden groeien zodra het team gezond in elkaar zit. Huijpen: “Het onderwerp team science resoneert breed in de wetenschap, omdat heel veel mensen af willen van de hypercompetitie en focus op het individu.”

Het team vooropzetten is in haar ogen een antwoord op een ongemak dat veel mensen ervaren. “Kiezen voor een team stuit op weinig verzet. Ik bespeur een behoefte om dat nog concreter te maken, bijvoorbeeld met kwaliteitscriteria. Een complex vraagstuk waar we denk ik niet snel een antwoord op hebben. De wisselwerking tussen de profielen en het teamwerk begint als concept gelukkig wel te leven.”

Stoeien met COVID19

Dat zag ze bijvoorbeeld tijdens haar vierde Recognition & Rewards Festival in 2024. Blij verrast was ze dat zo veel instellingen met een interessante workshop rondom teamvorming en strategie op de proppen kwamen. Ze besloot meteen om de workshops te bundelen in een boekje, om dat aanbod ook na de bijeenkomst te kunnen blijven verspreiden.

De festivals onder haar hoede markeren op onvoorziene én memorabele wijze het verloop van het programma, met de eerste drie jaar COVID-19 als grote antagonist. Van opwinding dat het lukte om online zo’n sterk en professioneel programma samen te stellen – “er heerste een enorme juichstemming, we hadden van niets iets gemaakt” -, naar deceptie omdat er wéér een editie digitaal moest en vrolijkheid toen iedereen elkaar uiteindelijk in de Pieterskerk in Utrecht in levenden lijve zag.

De festivals zijn één van de publieke scharnieren die het gesprek tussen de Nederlandse en internationale beweging op het vlak van E&W voeden. Ook Huijpen scharnierde reizend heel actief. “Ik heb veel op plekken in Europa mogen spreken. Heel vaak kwam de uitnodiging uit de Open Science community. Als je buiten Nederland kijkt is Open Science een driver om met rewards en incentives aan de slag te gaan. Erkennen & Waarderen is in feite een uitkomst van de Science in Transition beweging. In Leiden en Utrecht zijn de onderwerpen in het verlengde daarvan heel stevig verbonden gestart. Daar ziet men open science als een heel breed begrip, andere instellingen interpreteren het smaller.

Ik ben zelf op dat vlak een beetje medium. Wat mij betreft zijn ze strongly intertwined, maar niet hetzelfde. Ik vind dat E&W breder is dan Open Science en vice versa. Open Science gaat bijvoorbeeld niet, of maar heel beperkt over onderwijs, E&W wel.”

Ze benadrukt de urgentie van deze verbinding. “Het is niet alleen nodig dat we open science practices en open science output moeten erkennen en waarderen, we moeten tegelijkertijd ook minder kijken naar publicaties in bepaalde journals. Er zijn veel open access tijdschriften met nauwelijks een journal impact factor. Als je in je beloningsstructuur alleen naar de tijdschriften met een hoge impact factor blijft kijken, gaan mensen niet open access publiceren.”

De menselijke kant van leiderschap

Het enige onderwerp uit de position paper dat nog niet de revue passeerde, is leiderschap. Is Huijpen te spreken over de verplichte leiderschapstraining voor leidinggevenden die de universiteiten voor ogen hebben? “Over hoe je de juiste leiders kiest en creëert verschillen de ideeën. In brede zin verdienen leiderschapskwaliteiten volgens mij meer erkenning en waardering binnen universiteiten, umc’s en onderzoeksinstituten. Dat gaat over goede gesprekken kunnen voeren, door kunnen vragen, mensen zien. Studenten en medewerkers verdienen dat er naar hen gekeken en geluisterd wordt. De afgelopen twintig jaar lag de nadruk bij leiderschap op financiering en aantal publicaties, ik hoop dat er een kentering gaande is richting de menselijke kant van het leiderschap. En ik hoop dat er uiteindelijk geen universiteiten meer bestaan die tafels hebben met bordjes ‘alleen voor hoogleraren’.”

Van een afstandje vindt ze het heel moeilijk om in te schatten hoever het programma werkelijk is ingedaald. “Er ontstaan mooie visies en goede initiatieven. Er zijn veel ambassadeurs, mensen die voor het programma hebben gewerkt en nu in een andere functie het gedachtegoed meenemen. Ik blijf natuurlijk ook ambassadeur voor Erkennen & Waarderen in Leiden.”

Bezuinigen met oog voor team én talent

Ze maakt zich wel “een beetje” zorgen over de bezuinigingen. “Het zou kunnen dat wetenschappers daardoor terugvallen op bekend terrein als financiering verwerven en alles in het verlengde daarvan. Durven ze in tijden van bezuiniging te kijken naar wat de groep nodig heeft, welk talent er in huis is en of dat op elkaar aansluit?”

Aan de andere kant is ze vooral optimistisch. Ze ziet internationaal veel beweging en denkt dat er een onomkeerbare verandering is ingezet.
En haar eigen toekomst? “Ik kijk ernaar uit om mijn thematische scope verder uit te breiden en de rol van teamleider te vervullen. Erkennen & Waarderen was één grote leiderschapstraining. Ik hoop die in de praktijk te gaan brengen.” Was het in de praktijk van de afgelopen jaren bevredigend om te ervaren dat het werkt, erkenning en waardering geven? (het is even stil) “Ik hoop dat het werkt en dat ik het doe, ik word er een beetje verlegen van. Dat moet je aan anderen vragen denk ik. Ik krijg nu zelf heel veel waardering met het aankondigen van deze stap, dat is heel bijzonder om te ervaren.”

 

Tekst interview: Claartje Chajes

Rewarding teaching in academic careers – Mapping the global movement for change

Recent decades have seen growing calls to reform the criteria underpinning academic career progression, with concerns raised about the undervaluation of university teaching in appointment and promotion processes. A global shift is now underway, as pioneering research-intensive universities rethink how they reward teaching in academic careers and introduce initiatives that could redefine how teaching is supported and recognised across the sector.

The Global Mapping report explores the evolving landscape of how university teaching is supported, evaluated and rewarded within academic careers across the higher education sector. It is structured in two sections: Section A maps the global movement for change and identifies the front-runner universities; and Section B explores how these leading universities are addressing key barriers to change.

The report draws on interviews with over 130 leaders and change-makers from 26 countries who are actively engaged in reshaping reward systems in their university/region. The study was undertaken between October 2023 and November 2024, and the findings made available as an open-source report in January 2025.

 Read the report and summary

Advancing Teaching Network, dr. Ruth Graham.

Review by programme manager Kim Huijpen

This is an amazing report by Ruth Graham. I think it is a must-read for everyone working on Recognition & Rewards, academic careers, or career assessment in academia. Ruth Graham interviewed 131 leaders and change-makers from around the world, all engaged in improving the systems of evaluation, support, and reward for university teaching. The report includes some very interesting examples of institutions with extensive experience in assessing the teaching competencies of academics.
From this report, I’ve learned that some universities have adopted institution-wide standards for university teaching to underpin processes such as performance reviews, professional development, and promotions. These consistent standards align expectations in education and enable academics to better plan and track their career progression. Particularly noteworthy examples can be found on pages 20 and 21.

The report also highlights the crucial role of external peer review in providing independent, evidence-based assessments of a candidate’s impact on university teaching, based on an agreed set of standards. These assessments may include candidate interviews or in-class observations. However, most examples cited by interviewees focus on the evaluation of candidates’ written submissions and/or their ‘teaching portfolios,’ mirroring the peer review process for academic research.

Notably, several universities embed external peer review of university teaching into their assessment of candidates for appointment or promotion. For example, the National University of Singapore (NUS) and Chalmers University of Technology in Sweden require at least one external ‘pedagogical expert’ to review candidates’ teaching portfolios during all academic appointments and promotions. Another compelling Swedish example is Lund University, which has introduced an institution-wide framework to support and reward continuous development in university teaching throughout academic careers. This is definitely a model we should closely look at in the Netherlands.

Even further afield, there are very inspiring examples from Australia. I’d like to learn more about the Australian University Teaching Criteria and Standards and the Educational Leadership Mapping (ELM) tool developed by the The University of British Columbia. This is a resource designed to help academics plot their educational leadership activities.

Of course, I am also very proud of the many Dutch universities that shine in this report. However, what I find especially important for the Netherlands is recognizing how the frameworks and practices developed elsewhere in the world can serve as a great source of inspiration.

Congratulations to Ruth Graham for compiling this outstanding resource!

Knowledge institutions take action on open science in recruitment and promotion policies

23 Dutch knowledge institutions are taking steps to recognise and reward open science. On 13 December, the Open Science NL Steering Board approved a total of 1.2 million euros in grants. This funding enables the institutions to structurally embed open science into the recruitment and promotion of their staff.

This effort is much needed, as researchers and professional research support staff are increasingly committed to open science but are not yet consistently rewarded for their contributions. There is broad consensus that the transition to open science should not rely solely on the motivation of individual researchers; it must become an integral part of institutional policy, including recruitment and promotion policies. Valuing open science practices is also a priority for the national Recognition & Rewards programme.

In June 2024, Open Science NL launched a grant round aimed at 24 Dutch research-performing organisations, all affiliated with the national Recognition & Rewards programme. The organisations whose proposals were approved will each receive up to 50,000 euros to develop and implement plans next year to integrate the recognition and rewarding of open science into their HR policies for recruitment and promotion. Additionally, a project proposal for the national coordination of the local projects has been awarded funding.

Awarded grants

The following institutions received grants to further develop plans for recognising and rewarding open science:

  • Open University
  • University of Groningen
  • University Medical Center Utrecht
  • Wageningen University & Research
  • Delft  University of technology
  • Erasmus University Rotterdam
  • Leiden University Medical Center
  • Leiden  University
  • Maastricht University
  • Protestant Theological University
  • NWO-I
  • University of Amsterdam
  • Erasmus University Medical Center
  • Utrecht University
  • University of Twente
  • Tilburg University
  • KNAW
  • University Medical Center Groningen
  • Radboud University Medical Center
  • Eindhoven University of technology
  • Vrije Universiteit Amsterdam
  • Radboud University Nijmegen
  • Amsterdam UMC
  • National coordination: Universiteit Leiden / CWTS

Crucial for open science

Mariëlle Prevoo is Department manager Research Support & Development and Chief Open Science (UM) and together with her team applied for a grant. She highlights the importance of this programme: ‘We see recognising and rewarding open science as a crucial component of the UM Open Science policy. If open science activities are not recognised and valued, open science can never become the norm.’

According to Prevoo, the greatest challenge lies in getting the entire academic community on board: ‘Both the individual being evaluated and the evaluator must be able to appreciate the value of open science activities.’ To address this, UM will develop a train-the-trainer programme to ensure that all supervisors of scientists in the organisation acquire the necessary background knowledge. Prevoo explains that UM focuses on two key points in the project: improving the registration of open science activities, so they can form part of an evidence-based narrative CV, and training supervisors.

The University of Twente (UT) also receives a grant. Project leader Florian Schuberth explains why the project is significant: ‘To me, recognising and rewarding open science also means recognising and rewarding good research practices. For example, open science and scientific integrity are strongly interconnected: being open is frequently mentioned in the Netherlands Code of Conduct for Research. In light of current societal challenges and post-truth developments, I believe it is even more important that we train, recognise, and reward all university staff for their open science practices.’

Schuberth acknowledges that recognising and rewarding open science practices is not yet the norm: ‘This may be due to assessors’ lack of awareness of open science, uncertainty about how to reward such practices, or difficulties in formally recognising them within the current HR policy. We hope to address some of these barriers with the project we are launching with this grant.’

To achieve this, all stakeholders – academic staff, HR managers, and faculty committees – must align, Schuberth emphasises: ‘Furthermore, implementing revised HR policies will be another significant challenge. To tackle these challenges, we are developing an open science module in this project, which will be integrated into existing leadership training and briefings for HR staff and assessment committees. This module will introduce supervisors and committee members to OS and demonstrate how OS practices can be recognised and rewarded. I am really looking forward to working with a diverse team on this!’

National coordination and knowledge sharing

Inge van der Weijden from the Centre for Science and Technology Studies (CWTS) at Leiden University will lead the national coordination project. She emphasises the importance of collaboration: ‘For open science to be integrated into hiring and promotion policies, we must share best practices and align our approaches. This prevents duplication and, more importantly, gives the academic community clarity on career perspectives. Many members move between institutions, so this clarity is crucial. We will build on the solid foundation of the National Recognition and Rewards Programme to facilitate coordination.’

It is also important to align efforts in the Netherlands with international developments, van der Weijden adds. ‘Our initiatives must align with the latest advances in Europe and beyond. CWTS will collaborate with international projects like PathOS and GraspOS. We will also work closely with networks such as the Coalition for Advancing Research Assessment (CoARA). This way, we will not work in isolation.’

Creation of the call

The following people contributed to the creation and implementation of this call:

  • Marta Teperek, Hans de Jonge – call coordination, assessment of proposals
  • Jeroen Sondervan – assessment of proposals
  • Legal affairs NWO – legal advice  
  • Process & Quality NWO – process and quality advice
  • Juan de Weger – business control
  • Titia Terhell – project control
  • Mark van Assem – internal process advice
  • Mirjam Teunissen – call setup
  • Jeroen Scharroo – communication
  • Alicia Dekker – layout and web editing
  • Carmen van Meerkerk, Suzy Ronokaryo – web editing  
  • Loes Buitendijk, Rudina Ismaili – administrative support
  • Kim Huijpen and members of the national Recognition & Rewards programme – advice on call design

17 december 2024

Source: https://www.openscience.nl/en/news/knowledge-institutions-take-action-on-open-science-in-recruitment-and-promotion-policies